U bent hier: Home Project Sedimentvangen
Document Acties

Sedimentvangen

Er werden binnen WP2 in 2010 en 2011 twee sedimentvangen aangelegd: één op de Molenbeek in Erpe-Mere en één op de Vondelbeek op de grens van Dendermonde en Lebbeke.

Sedimentvang Molenbeek aan het bestaande gecontroleerde overstromingsgebied (GOG) in Erpe-Mere

In de Molenbeek wordt jaarlijks 3300 ton sediment getransporteerd. Dit sediment komt zowel van huishoudelijke lozingen als van bodemerosie. Het sediment zet zich af in de waterloop en in de overstromingsgebieden. Foto 9: Sedimentvang MolenbeekOp termijn vermindert zo het waterafvoerend vermogen en de bergingscapaciteit, wat indirect aanleiding geeft tot een verhoogde kans op wateroverlast. Sedimentvangen dwingen het slib op strategisch gekozen plaatsen te bezinken waardoor de ruimingskosten sterk verminderen. Bovendien voorkomen we dat verontreinigd sediment zich afzet in natuurgebied en dat  er slib moet geruimd worden in kwetsbare gebieden door sediment lokaal en opwaarts van verontreinigingsbronnen te laten bezinken. Om een groot deel van het slib in de Molenbeek op te vangen, werd een sedimentvang aangelegd. De sedimentvang heeft een volume van 6.000m³.

Er werd berekend dat de sedimentvang een vangefficiëntie heeft van 50% waarbij jaarlijks zo'n 260m³ slib opgevangen wordt in de sedimentvang.

Sedimentvang aan het bestaand GOG in Lebbeke/Dendermonde

Foto 10: VondelbeekIn het verleden kampten Dendermonde en Lebbeke regelmatig met wateroverlast. Bij grote neerslagaanvoer raakten de Vondelbeek en haar zijlopen oververzadigd en werden ze onvoorspelbaar, met alle risico's van dien op overstromingen. Daarom legde de VMM een wachtbekken aan.

Via de Vondelbeek wordt er jaarlijks zo'n 600 ton sediment getransporteerd. Om aanslibbing in het wachtbekken - en dus een verminderende bergingscapaciteit op termijn - tegen te gaan, werd ter hoogte van de stuw een sedimentvang aangelegd. De vangefficiëntie bedraagt 90% en dat bekent dat de vang een capaciteit heeft voor 4200m³ slib.

Het grootste deel van het slib in de Vondelbeek is afkomstig van erosie. Er is echter ook een aanzienlijk deel (ca. 15%) afkomstig van huishoudelijke bronnen (bv. Lebbeke) en ook een geringe lozing door de Affligem-brouwerij. Door het gecontroleerd opvangen van de vervuilde slibdelen, vervuilen ze minder de rest van de waterloop.

Bijkomende voordelen van sedimentvangen:

  • ruimen van volledige lengtes van waterlopen hebben een negatieve ecologische impact:
    • verstoring van het habitat tijdens het ruimen (fysisch, geluid)
    • CO2-uitstoot van de ruimingsmachines
  • overmatige aanslibbing is algemeen gezien negatief voor bepaalde soorten zoals de rivierdonderpad en de beekprik. Deze soorten komen nu niet voor in de Molenbeek-Erpe-Mere en de Vondelbeek. Aanslibbing in vele waterlopen is hoger dan de natuurlijke toestand door meer erosie vanuit stroomopwaartse akkers.